Ze kwam de kamer binnen en liep door het gangpad. Ze liep zachtjes maar zelfverzekerd, rustig, ze wilde niet te veel lawaai maken. Beeldschoon, keurig verzorgd, niets dat niet paste. Niemand kon zijn ogen van haar afhouden. Er gaat een gerucht dat er iets met haar tas is, die ze altijd bij zich draagt. Ik geloof niet in tovenarij, maar niemand kan ontkennen dat dit een spectaculair leren kunstwerkje is.